Hoe wordt de toekomst?                                                                            Jesaja 2:1-5

In een evangelisch bondgenootschap is er een gebedsavond. Een medebroeder uit dit bondgenootschap leidt deze avond. Na een mooie voordracht, over de aarde waarop we leven en de nietigheid in verhouding tot de geschapen kosmos, komt hij met de boodschap van deze avond: bescherm de wereld niet voor ons maar voor onze kinderen – en die kinderen zijn het hoofdonderwerp van deze avond. Een kleine groep is vol lof en dank, in inkeer en in smeken in gebed tot God.

Hij bidt tot God om jonge getrouwde stellen moed te geven kinderen in deze wereld te zetten. Om ze moed te geven niet te luisteren naar de mensen die steeds zeggen: “In deze wereld kan men als verstandig mens geen kinderen zetten.” Ja, deze wereld is niet meer de wereld, die God geschapen heeft. De mens heeft die veranderd en verstoord. Dit bovenstaande argument horen we steeds weer (misschien zelfs wel in onze gemeente).  God bouwt echter een toekomst met ons. Laten we eens naar Hem luisteren.

Dit zijn de woorden van Jesaja, de zoon van Amos; het visioen, dat hij zag over Juda en Jeruzalem:

Eens zal de dag komen dat de berg met de tempel van de HEER rotsvast zal staan, verheven boven de heuvels, hoger dan alle bergen. Alle volken zullen daar samenstromen, machtige naties zullen zeggen: ‘Laten we optrekken naar de berg van de HEER, naar de tempel van Jakobs God. Hij zal ons onderrichten, ons de weg wijzen, en wij zullen zijn paden bewandelen.’ Vanaf de Sion klinkt zijn onderricht, vanuit Jeruzalem spreekt de HEER. Hij zal rechtspreken tussen de volken, over machtige naties een oordeel vellen. Zij zullen hun zwaarden omsmeden tot ploegijzers en hun speren tot snoeimessen. Geen volk zal nog het zwaard trekken tegen een ander volk, geen mens zal meer weten wat oorlog is. Nakomelingen van Jakob, kom mee, laten wij leven in het licht van de HEER.” (Jesaja 2:2-5)

De grote profeet Jesaja krijgt hier een kijkje in de toekomst van God geschonken. Een toekomst, waarin Israël zijn begin heeft (Juda en Jeruzalem), maar die ook voor vele andere volken geldt (Jesaja 2:3). Uiteindelijk wil God er voor zorgen, dat geen enkel volk meer oorlog voert. Oftewel oorlogvoeren wordt uit het onderwijsprogramma geschrapt. Kunt u zich dat voorstellen: een wereld waarin de natuur niet meer lijdt en waarin ook de mens zich steeds meer naar de beeltenis van God vormt?

God schept niet alleen een nieuw rijk (zoals we in de Openbaringen kunnen lezen), maar Hij schept ook vrede. Jesaja 2:4 (2e gedeelte) was overigens in de jaren 80 het uitgangspunt voor de atoomontwapening. Al in die jaren beweegt het verlangen naar vrede de mensen. Wij verlangen naar die vrede, maar wij kunnen dit niet alleen voor elkaar krijgen. Die vrede komt alleen van God en die biedt Hij ons nu al aan, door zijn Zoon Jezus Christus.

In Efeziërs 5:8-14 geeft God ons oplossingen, waarbij Hij laat zien wat Hij nu van ons verwacht :

”want eens was u duisternis maar nu bent u licht, door uw bestaan in de Heer. Ga de weg van de kinderen van het licht. Het licht brengt goedheid voort en gerechtigheid en waarheid. Onderzoek wat de wil van de Heer is. Neem geen deel aan de vruchteloze praktijken van de duisternis maar ontmasker die juist, want wat daar in het verborgene gebeurt, is te schandelijk voor woorden. Maar alles wat door het licht ontmaskerd wordt, wordt openbaar, en alles wat openbaar wordt, is zelf licht. Daarom staat er: ‘Ontwaak uit uw slaap, sta op uit de dood, en Christus zal over u stralen.’”

Is dit niet fantastisch? God geeft ons zijn licht. Wie in dit licht leeft, wie dit licht in zijn leven toelaat, ziet over het nu heen naar een toekomst, waarin God ons in zijn nieuwe rijk leven laat.

Ik wens u allen, dat u veel vreugde aan deze belofte mag beleven en een leven vol licht.

God is groot en Hij is machtig.

O. van Meegen

Comments are closed.