Woord van de week 09-04-2017 (6eZondag in de 40 dagentijd)

Uit liefde ging Hij                                                    Johannes 12:14-16 en Marcus 14:3-9

Bekende scène, bekend verloop, ieder jaar op Palmzondag het thema. En toch steeds nieuw.

Bij het lezen van het Bijbelwoord werd ik herinnerd aan de intocht van David na zijn zegenrijke strijd tegen de Filistijnen en de terugkeer van de Ark van het Verbond in Jeruzalem (2 Samuël 6). Het scenario lijkt hetzelfde, het volk jubelt, strooit palmtakken. Oppervlakkig bekeken dus hetzelfde beeld.

Maar laten we eens iets nauwkeuriger kijken: met de terugkeer van David komt ook de Ark van het Verbond naar Jeruzalem terug. De Ark, het symbool van Gods aanwezigheid. Met de Ark van het Verbond verbinden de Israëlieten vele dingen, zoals Gods aanwezigheid, bescherming en bewaring, hulp, zijn woord, de wet. Daardoor kan men de reactie van het volk goed begrijpen. Dat was het belangrijkste.

Niet dat de overwinning van David niet gewaardeerd werd, ook hij werd toegejuicht. Maar David zelf toont ons waarom het werkelijk ging. Dansend trekt hij Jeruzalem binnen. Dansend voor de Ark van het Verbond (2 Samuël 6). Hij zelf wijst door zijn gedrag daarop, wat voor het volk eigenlijk belangrijk is: de terugkeer van de Ark van het Verbond bij het volk, daar waar die behoort te zijn. Er voltrekt zich iets, dat men zo beschrijven kan: God keert tot zijn volk terug.

De intocht van Jezus in Jeruzalem. Weer hetzelfde beeld. Gejubel over de nieuwe koning van Jeruzalem. Gejubel over “Hij die komt in de naam van de Heer.” Zij kennen precies de beloften van de wet. Ze zijn over de wet en de profeten onderwezen. Zij kennen de bijbehorende Bijbelplaatsen. Ze zouden eigenlijk precies moeten weten waarom het hier werkelijk gaat. Dus, waarom jubelen ze dan eigenlijk?

De mensen zijn overtuigd, dat Jezus de Messias is. En ze zingen het uit.

Je hoort sporen van Psalmen 118. Je ziet het beeld voor je van Zacharia 9:

“Juich Sion,
Jeruzalem schreeuw het uit van vreugde!
Je koning is in aantocht,
bekleed met gerechtigheid en zege.
Nederig komt hij aanrijden op een ezel,
op een hengstveulen,
het jong van een ezelin.”

En dan is het heel belangrijk dat Jezus vervolgens naar de tempel gaat.
Zacharia 14: 21: “…….Als die tijd aanbreekt zullen er nooit meer handelaars zitten in de tempel van de Heer van de hemelse machten.”
De Koning moet in Jeruzalem zijn. Hij moet ook in de tempel zijn koningschap bewijzen.
Zacharia 6:12-14: “…….. Hij is het die de tempel van de Heer zal herbouwen;
Hij is het die koninklijke waardigheid zal dragen en zal heersen vanaf zijn troon…….”
Koning Jezus is op weg naar Jeruzalem.
Maar Jezus huilt. Ze hebben het niet begrepen. Ze zijn vol van de kracht van het volk.
Herstel van Jeruzalem. Herstel van de tempel. De natie, die weer zal schitteren en de vijand, die zal worden verdreven. Maar ze zien Jezus niet.
Ze hebben kennelijk nooit echt gekeken. Niet echt geluisterd.Hij was altijd kritisch tegenover geweld. Hij was altijd open voor mensen, die van buiten kwamen. Hij droeg verdraagzaamheid uit. Hij droeg liefde uit.

En het symbool, dat Hij nu laat zien, heeft ook een dubbele boodschap. Een ezeltje, waar nog nooit iemand op heeft gezeten. Wie goed kijkt, ziet een antiheld.
Hij moet misschien zelfs meelopen om te voorkomen, dat zijn voeten over de grond slepen. Jezus huilt, jullie hebben de tijd van Gods ontferming niet herkend.

Het huilen van Jezus maakt ons stil. Het roept vragen op. En het daagt ons uit.
Hoe zou het zijn geweest, als zij Jezus wel hadden herkend en erkend?
Zou Jeruzalem niet verwoest zijn? Zou de tempel er nog staan?
We weten het niet. We weten niet, hoe God de geschiedenis vorm geeft.
Het enige, dat we weten, is dat die geschiedenis in zijn hand ligt.
En dat wij in die hand in het midden van de geschiedenis staan.
Dat is de uitdaging. De dag van de bezoeking te herkennen. God te herkennen en te erkennen. Zoals Hij naar ons toekomt op zijn eigen manier.
Door het lijden heen Koning. Met een enorme liefde en barmhartigheid.

Ze herinneren zich de opwekking van Lazarus enkele dagen tevoren, ze hebben gehoord over de wonderbaarlijke spijziging, daarom zijn ze er. Minder een gejubel over diegene, die het heil brengt, maar een gejubel voor iemand, die de natuurlijke behoeftes stilt. Daarom zijn ze daar. Ze lopen hem “daarom” na.

En Jezus zelf? Hij neemt de huldiging zonder een spier te vertrekken aan. Weet Hij, dat dezelfde mensen Hem enkele dagen later tegen een misdadiger zullen inruilen? Interesseert Hem dat niet? Ja, ik geloof, dat Hij weet, hoe de mensen zullen beslissen. Maar onverschillig laat deze beslissing Hem niet. Zijn uitspraak “Hoe vaak heb Ik je kinderen niet bijeen willen brengen, … maar jullie hebben niet gewild”, spreekt duidelijke taal.

God is in Jezus naar het volk toe gekomen. Op een bijzondere manier. En ze herkennen het niet. Wat ze zien vullen ze in met hun eigen beelden. Ondanks dat kleine ezeltje zien ze een koning met wereldlijke macht. Meelopers, zoals de wereld nog steeds vol is van meelopers.

De Farizeeën hebben het juist ingeschat, wanneer ze zeggen: de hele wereld loopt achter Hem aan. Maar Jezus wil geen mensen, die alleen maar achter Hem aanlopen, maar navolgers, diegenen die niet slechts jubelen over zijn natuurlijke hulp, maar over het heil, dat Hij belooft en geeft. Niet slechts het heil op deze aarde, maar het heil in eeuwigheid. Dat is zijn aanbod aan ons. Uit liefde aan ons gegeven.
Laten we de Koning aanbidden en volgen. Overal waar Hij ons wijst om zijn huis te zijn.
Midden tussen de ongelovigen. Dus verkondig het evangelie van liefde in de buurt waar je woont. In de buurt waar de kerk staat. Neem je plek in als christen in maatschappelijke organisaties en verkondig in liefde en zachtmoedigheid, dat Jezus Heer is.
Herken zijn nabijheid. In de kracht van het Woord, dat levens verandert. In de nabijheid van de Levende Heer, die bij ons is en ons door zijn Geest leidt.
Doorgrond steeds meer de diepte van zijn werk. En leef het uit. Leef zijn liefde en tederheid. En dien hem als Koning, gewoon in de straat.

Zo ontleen ik aan de Palmzondaggeschiedenis de volgende boodschap: Jezus roept ons op tot zijn navolging, zijn werkelijke navolging. Een navolging, die alle wereldlijke belangen te boven gaat!

J. Menzel.

Comments are closed.