woord van de week 16-04-2017 (Pasen )

Vreugde en enthousiasme over het lege graf                                       Matteüs 28: 1-7

Tevergeefs proberen de mensen de opstanding van Jezus te ontraadselen. Het blijft een wonder en is menselijkerwijs niet te verklaren. Wij kunnen deze gebeurtenis slechts met verbazing beschouwen en met dankbaarheid in ons hart aannemen. Als we er over na gaan denken, staat het verstand ons vaak in de weg. Niets in ons leven is absoluut zeker, ook ons geloof niet. Ja, ook het geloof aan de opstanding van Jezus is steeds weer door twijfel omgeven en wordt dan ook alsmaar aangevochten.

In wat voor stemming zijn we als we op Paasmorgen naar de dienst gaan? Vrolijk Pasen! Zijn we vrolijk gestemd en hoopvol of zelfs gelukzalig? Of is de dienst van vandaag weer een sleur, een gewoonte. Natuurlijk vieren we Pasen in deze tijd ook als een feest van herinnering, maar daar mag het niet alleen bij blijven. Wij lezen in Matteüs 28, hoe de vrouwen zich op Paasmorgen opmaakten om naar het graf te gaan (om de balseming te verbeteren, daar het allemaal erg snel was gegaan.) Hun hart werd niet alleen bewogen door het geloof aan de woorden, die ze van Jezus gehoord hadden, maar ook door verdriet en zorg. Natuurlijk bleef voor hen de vraag: hoe zal het nu verder gaan?

Deze stemming slaat niet zomaar om in vreugde en zekerheid. Zij zijn getuige van een geweldige gebeurtenis (Matteüs 28:2-5). Niet voor niets zijn de eerste woorden van de engel, die aan de eigenlijke boodschap voorafgaat, een geruststellende en vriendelijke toespraak van God afkomstig:

“Wees niet bang”. In Matteüs 28:8-9 lezen we verder: “Ontzet en opgetogen verlieten ze haastig het graf om het aan zijn leerlingen te gaan vertellen. Op dat moment kwam Jezus hun tegemoet en groette hen Zij liepen op Hem toe, grepen zijn voeten vast en bewezen Hem eer.”

Nu nog een keer de vraag: hoe beleven wij de zondag, de dag van de opstanding? De vrouwen wilden hun Heer op Paasmorgen eer bewijzen. En de Heer laat zich door hen als een levende vinden! Zijn geest vervult en verlicht hun leven. Dat is ook nu nog zo, ook al hebben we nog zoveel zorgen op onze levensweg. De Heer heeft de overwinning behaald en wij mogen daaraan deel hebben.

Matteüs 28:11-15 – Ze gaven de soldaten veel geld om dit te zeggen (corruptie was er toen ook al). Hebt u wel eens zo’n domme smoes gehoord: “Zijn leerlingen zijn ’s nachts gekomen en hebben Hem heimelijk weggehaald terwijl wij sliepen.”?

In onze tegenwoordige tijd komt men veel in aanraking met mensen, die zonder het geloof leven.

Het is moeilijk de geheimen van het geloof te doorgronden door middel van het verstand. Denk maar aan de Drie-eenheid van God. Of aan de geboorte uit de maagd Maria, de opstanding van Jezus en de Hemelvaart. Velen en zelfs bekende theologen proberen deze wonderen op een natuurkundige manier te verklaren. Het Paasfeest is voor ons de centrale gebeurtenis van het christelijke geloof.

Het getuigenis over Pasen luidt: God heeft Jezus uit de doden opgewekt. God heeft Hem verhoogd als de Heer over deze wereld. God heeft Hem als levende aan zijn gemeente getoond.

Alle uitspraken in het Nieuwe Testament getuigen van deze zekerheid. Zonder deze zekerheid zou er geen Nieuw Testament zijn. Het geloof van de gehele christenheid is van aanvang af een geloof in Pasen. Pasen is een centrale gebeurtenis. Aan het begin van ons geloof staat niet de Kerstboodschap, maar de verkondiging van de Opgestane. Zonder Pasen zou er namelijk geen christelijke kerk zijn.

Als de kruisiging van Jezus het laatste zou zijn, zou het “christendom” niet eens bestaan.

De christenheid staat en valt met de Paasboodschap en tot vandaag staat zij nog op vaste voeten en dat zal steeds zo blijven. De Paasboodschap van het Nieuwe Testament kan men kort formuleren: Jezus Christus is opgestaan uit de doden als Eersteling onder degenen, die ontslapen zijn.

Het sterven en de opstanding van Jezus worden als twee verschillende gebeurtenissen verstaan, die beide overeenkomstig de Schrift plaatsvonden. Dit zegt ten eerste, dat God in beide gebeurtenissen handelde.

De boodschap van Pasen verwekt Paasgeloof (geloof in de opstanding) en over dit geloof wordt in de Bijbelse verslagen gesproken. De berichten over de verschijning van de Opgestane zijn verschillend, waardoor het soms ook niet gemakkelijk is deze gebeurtenissen te begrijpen.

Er wordt wel eens beweerd, dat de discipelen de opstanding van hun Meester zelf zouden hebben bedacht. Nu moet men goed bedenken dat zo’n groot aantal personen dan nooit een eensluidende uitspraak zou hebben kunnen doen: (1 Korintiërs 15:5-8) En “dat Hij is verschenen aan Kefas en vervolgens aan de twaalf leerlingen. Daarna is Hij verschenen aan meer dan vijfhonderd broeders en zusters tegelijk, van wie er enkelen gestorven zijn, maar de meesten nu nog leven. Vervolgens is Hij aan Jakobus verschenen en daarna aan allee apostelen. Pas op het laatst is Hij ook aan mij verschenen, aan het misbaksel dat ik was.”

Het waren dus allemaal verschijningen, d.w.z. een zichtbaar worden van de dood verhoogde Heer. Deze uitspraken van deze ooggetuigen zijn niet in staat iemand tot het geloof te brengen in de opstanding van Jezus. Het geloof in de opstanding kan niet gegeven noch afgenomen worden door de geschiedenis te onderzoeken.

Het is noodzakelijk om Jezus als Levende in je eigen leven te ervaren. Er gebeuren vaak genoeg dingen, die wij niet kunnen verklaren of bevatten.

I. Ras

Comments are closed.